Misschien heb je het weleens voorbij zien komen op sociale media of in gesprekken op het werk. Mensen hebben het over millennials, babyboomers of generatie z. Dan komt al snel de vraag op welke generatie ben ik eigenlijk. Generaties worden vaak gebruikt om groepen mensen te beschrijven die in dezelfde periode zijn geboren en daardoor vergelijkbare maatschappelijke ontwikkelingen hebben meegemaakt. Het geboortejaar speelt daarbij een belangrijke rol. Tegelijk gaat het ook over gedeelde ervaringen, zoals technologische veranderingen of economische gebeurtenissen. Daardoor herken je soms bepaalde eigenschappen van je eigen generatie, terwijl iemand van een andere leeftijdsgroep daar weer anders naar kijkt.
Een generatie bestaat uit mensen die ongeveer in dezelfde periode zijn geboren. Sociologen gebruiken zulke indelingen om te begrijpen hoe maatschappelijke ontwikkelingen invloed hebben op gedrag, werk en waarden. Vaak duurt een generatie ongeveer vijftien tot twintig jaar.
In Nederland worden generaties meestal ingedeeld op basis van geboortejaren. Zo horen babyboomers bij de groep die na de Tweede Wereldoorlog werd geboren. Daarna volgen onder andere generatie x, millennials en generatie z. De exacte jaartallen verschillen soms per onderzoek, maar de grote lijnen zijn vergelijkbaar.
De reden dat generaties verschillen, ligt vaak in de tijd waarin iemand opgroeit. Denk aan de opkomst van computers, economische crises of veranderingen in onderwijs en werk. Dat soort gebeurtenissen vormt hoe mensen naar werk, technologie en samenleving kijken.
Generatie x bestaat grofweg uit mensen die zijn geboren tussen ongeveer 1965 en 1980.
Deze groep groeide op in een periode waarin de wereld snel veranderde. De oliecrisis en economische onzekerheid in de jaren zeventig en tachtig maakten deel uit van hun jeugd. Tegelijk zagen zij de eerste computers verschijnen en begonnen digitale ontwikkelingen langzaam onderdeel van het dagelijks leven te worden.
Daardoor wordt generatie x vaak gezien als een verbindende groep. Ze kennen nog een tijd zonder internet, maar hebben ook geleerd om met digitale technologie te werken. Op de werkvloer zitten ze vaak tussen oudere en jongere collega’s en spelen ze regelmatig een rol als ervaren medewerkers of leidinggevenden.
Veel beschrijvingen noemen deze generatie nuchter, zelfstandig en pragmatisch. Dat beeld komt mede doordat zij in hun jonge jaren met economische onzekerheid te maken kregen en daardoor gewend raakten om zelf oplossingen te zoeken.
Aan de andere kant van het spectrum staat generatie z. Deze generatie bestaat uit mensen die ongeveer vanaf het einde van de jaren negentig tot begin jaren 2010 zijn geboren.
Voor generatie z is internet geen nieuwe ontwikkeling maar een vanzelfsprekend onderdeel van het dagelijks leven. Smartphones, sociale media en online communicatie horen er vanaf jonge leeftijd bij. Daardoor bewegen ze vaak makkelijk tussen verschillende digitale platforms.
Onderzoekers zien ook dat deze generatie vaak waarde hecht aan flexibiliteit en maatschappelijke onderwerpen zoals duurzaamheid. Werk en studie worden regelmatig gecombineerd met online activiteiten, waardoor grenzen tussen privé en digitaal leven soms minder duidelijk zijn.
De vraag welke generatie ben ik is meestal eenvoudig te beantwoorden door naar je geboortejaar te kijken. Toch is het niet altijd een harde grens. Sommige mensen zitten precies tussen twee generaties in en herkennen zich in beide groepen.
Het idee achter generaties is vooral bedoeld om trends te begrijpen. Het zegt iets over de tijd waarin iemand opgroeit, maar niet alles over iemands persoonlijkheid. Twee mensen uit dezelfde generatie kunnen immers totaal verschillende interesses of levenskeuzes hebben.
De indeling in generaties geeft vooral inzicht in hoe maatschappelijke veranderingen invloed hebben op mensen. Iemand uit generatie x heeft bijvoorbeeld een jeugd zonder smartphones meegemaakt, terwijl generatie z vrijwel direct met digitale technologie opgroeide.
Door die verschillen beter te begrijpen wordt ook duidelijk waarom mensen soms anders kijken naar werk, communicatie of technologie. Uiteindelijk blijft het antwoord op de vraag welke generatie ben ik vooral een manier om je eigen plek in een groter tijdsbeeld te zien.